Ga naar hoofdinhoud

Installatie Nextalink

In deze instructie leggen we stap voor stap uit hoe je de Nextalink gateway aansluit. De installatie is eenvoudig en vraagt om drie basisvoorwaarden:

  1. Stroomvoorziening
  2. Internetverbinding
  3. Aansluiting op minimaal één apparaat

De status van deze drie onderdelen wordt weergegeven via de drie LED-indicatoren aan de voorzijde van de Nextalink.

Nextalink

1. Stroomvoorziening

Voor de stroomaansluiting is een voedingskabel meegeleverd.

Sluit de Nextalink aan op een stopcontact. De gateway start vervolgens automatisch op. Na enkele minuten is het opstartproces voltooid.

Brandt het linker LED-lampje groen? Dan is de Nextalink correct ingeschakeld en operationeel.

Nextalink LED indicatoren

2. Internetverbinding

De Nextalink maakt automatisch verbinding met het internet via NB-IoT of LTE-M — afhankelijk van het netwerk met de beste beschikbaarheid op dat moment.

De ingebouwde SIM verzorgt deze verbinding volledig automatisch. Er is dus geen extra configuratie nodig door de installateur.

Brandt het middelste LED-lampje groen? Dan is de internetverbinding succesvol tot stand gebracht.

Blijft dit lampje uit of knippert deze rood, dan kan er sprake zijn van beperkt bereik of een technisch defect.

Stroomaansluiting

3. Aansluiting op een apparaat

De Nextalink ondersteunt drie verschillende aansluitmogelijkheden:

  • SMR (P1-poort slimme meter)
  • Modbus RTU (RS-485)
  • Wired M-Bus

Zodra minimaal één apparaat succesvol is aangesloten en wordt uitgelezen, brandt het rechter LED-lampje groen.

Hieronder lichten we de verschillende aansluitopties toe.

P1

3.1 P1 poort slimme meter (SMR)

SMR staat voor Smart Meter Requirements. Via de P1 poort kan de Nextalink direct worden aangesloten op een slimme meter.

3.1.1 Aansluiten

Sluit de P1 kabel aan op de P1 poort van de Nextalink. Verbind de andere zijde met de P1 poort van de slimme elektriciteitsmeter.

Per Nextalink kan één slimme meter worden aangesloten. Wanneer er sprake is van een slimme gasmeter, wordt deze automatisch meegenomen via de elektriciteitsmeter. De gasmeter heeft geen eigen P1 poort.

3.1.2 Data via de P1 poort beschikbaar stellen

De P1 poort kan ook worden gebruikt om data die via Modbus of M-Bus wordt opgehaald beschikbaar te stellen aan externe systemen.

Een voorbeeld is een warmtemeter die via M-Bus is aangesloten, waarvan de data via de P1 poort inzichtelijk wordt gemaakt voor bewoners of beheerders.

Aurum kan de P1 functionaliteit op afstand configureren, zowel voor het uitlezen als voor het beschikbaar stellen van data.

3.2 Modbus RTU

Modbus

Met Modbus RTU kan de Nextalink één of meerdere apparaten uitlezen.

3.2.1 Aansluiten

De Modbuskabel voor de Nextalink heeft:

  • Eén stekker voor de poort (zie het blauw omrande gedeelte in de bovenstaande afbeelding)
  • Drie losse aders (groen, geel, zwart)

Sluit deze als volgt aan:

DraadAansluiting
GroenA / +
GeelB / −
ZwartG / 0 (aarde)

Mocht er een standaard UTP-kabel gebruikt worden, dan kunnen de volgende aders worden aangesloten:

DraadAansluiting
Blauw/WitA / +
BlauwB / −
BruinG / 0 (aarde)

3.2.2 Meerdere meters aansluiten

Bij meerdere meters worden deze in een keten doorgelust:

  • A naar A
  • B naar B
  • G naar G
tip

Plaats op de laatste meter in de keten een 120 Ω weerstand tussen A en B. Dit verhoogt de stabiliteit van de communicatie.

Controleer de verbinding eventueel met een multimeter door de volledige keten per ader door te meten.

3.2.3 Instellingen

De standaard Modbus configuratie van de Nextalink is:

  • Baudrate: 2400
  • Parity: None
  • Stopbits: 1 indien instelbaar
info

Controleer of de aangesloten meter(s) dezelfde instellingen gebruiken. Dit is doorgaans aan te passen via het metermenu.

3.2.4 Adressering

  • Standaard herkent de Nextalink adres 1.
  • Extra adressen kunnen door Aurum op afstand worden ingesteld.
  • Elk adres mag per Nextalink slechts één keer voorkomen.

Bij meerdere Nextalinks op één locatie adviseren we om uitsluitend unieke adressen te gebruiken.

3.2.5 Registers

Stem met Aurum af welke registers moeten worden uitgelezen van het aangesloten apparaat. De Nextalink kan van te voren door Aurum hiervoor geconfigureerd worden of dit kan later op afstand worden gedaan.

3.3 M-Bus

M-Bus

De Nextalink kan maximaal vier M-Bus apparaten uitlezen.

Standaard wordt één M-Bus kabel meegeleverd, met twee aders.

3.3.1 Aansluiten

Sluit de twee aders als volgt aan op de schroefcontacten van het M-Bus apparaat:

DraadAansluiting
Wit+
Zwart

Meerdere M-Bus apparaten

Wanneer meerdere apparaten worden aangesloten moeten deze naar elkaar worden doorgelust.

info

Raadpleeg de documentatie van de betreffende apparaten voor specifieke instructies.

4. Installatietool

tip

Wanneer minimaal één apparaat correct is aangesloten, brandt het rechter LED-lampje groen.

Bij aansluiting van meerdere apparaten adviseren we gebruik te maken van de installatietool. Hiermee controleer je eenvoudig of alle apparaten correct communiceren en data leveren.

Meer informatie over de installatietool is beschikbaar via Aurum.

5. Wandmontage

Schroefgaten

De Nextalink kan eenvoudig aan de muur worden bevestigd via de geïntegreerde schroefgaten. Schuif de klep omhoog om toegang te krijgen tot de montagepunten.

waarschuwing

Gebruik geen conische schroeven. Deze kunnen de behuizing beschadigen of een stabiele montage verhinderen.

Schroeven

5.1 Verzegeling

Indien gewenst kan de schuifklep worden verzegeld via het gaatje aan de bovenzijde. Hierdoor kan de Nextalink niet worden verwijderd zonder het zegel te verbreken.